Zweetwerktraining basis

Honden op het spoor

2020

Zondag 16 februari

Les 9

Het weer

Er wordt net als vorige week storm voorspeld en veel regen. Niet zo zwaar als vorige week maar wel code geel. Gaat de les door? Gisterenavond niets gehoord dus ik neem aan van wel.

Waar?

Lijsterweg Almere, zo’n 50 minuten rijden.

Hoe laat?

Normaal beginnen we altijd om 11.30 uur, maar de trainer stuurt rond 7.15 uur een app of we het goed vinden om een uur eerder te beginnen. Help! Ik stond al 45 minuten later op dan de bedoeling was.

Aanpassingen

Er zijn veel afzeggingen in de groep voor ons. Door het weer is het spoor wat korter en als we eerder beginnen zijn we lekker op tijd klaar. Ik moet nu enorm haasten. Vanwege mijn darmziekte moet ik altijd ruim de tijd nemen voor mijn ontbijt. Ik besluit om de honden niet uit te laten. Mijn moeder laat Maddy uit en ik laat Blaine uit op de plaats van bestemming. Ik ga ruim op tijd weg, kan nog een sanitaire stop doen en we komen mooi op tijd aan. Genoeg tijd om Blaine te laten plassen, dat andere doet ze niet.

Wondbedden

Voor we beginnen laat de trainer ons eerst drie wondbedden zien.

Spoor 3

We beginnen met het aankleden. We komen aanlopen en Blaine heeft haar gewone riem aan. De trainer laat het wondbed zien onder de tak waar een oranje knijper aan hangt. Ik zet mijn voet op de riem van Blaine zodat zij nog gewoon kan rondkijken maar niet weglopen. Ik pak de zweetriem uit de tas en doe eerst de halsband om. Dan gooi ik de zweetlijn naar achteren zodat het niet in de knoop zit. Later hoor ik dat ik beter eerst de riem kan uitwerpen en dan pas de halsband om doen. Ik zet de tas naast Blaine neer, de trainer wees me hier op, want ik hield het om. Ik loop achteruit naar het wondbed en maak Blaine erop attent, ik moet dit toch wat overtuigender doen denk ik. Al die tijd blijft Blaine braaf zitten. Wanneer ik naar haar terug loop zeg ik zachtjes braaf. De trainer vindt dat ik best kan zeggen dat Blaine braaf is, ik had dit gedaan schreef ik net, dus ik moet het toch iets harder zeggen tijdens het examen. Ik neem Blaine mee aan de halsband en laat haar aan het wondbed ruiken, ik moet dit voortaan goed aanmoedigen. Ik pak de lijn, ik moet er goed opletten dat het oogje op de halsband aan de bovenkant zit en dat ik de riem over haar rug laat gaan. Ik geef Blaine de ruimte zodat ze alles goed in zich op kan nemen. Ze ruikt wat en dan lijkt ze het toch niet helemaal te weten. Ik moet haar nogmaals aan het wondbed laten ruiken en nu gaat ze de goede kant op.

De trainer verteld welke kant het spoor op loopt

Het spoor loopt schuin naar de weg toe en de wind komt van links. Blaine loopt mooi over het grasveld. Halverwege het veld gaat haar hoofd omhoog en ze reviert iets of loopt een eindje van het spoor af. Dit is voor mij een twijfelpunt, gaat ze nog wel goed? Gewoon even wachten tot ze weer verdergaat. We komen bij een pad uit. Blaine steekt over en ik kijk goed of ik een haak zie, nee dit is niet het geval. De trainer zegt dat het goed gaat. We komen een haak tegen, Blaine wijst dit goed aan en we gaan nog steeds goed. Tot nu toe steeds rechtdoor. We lopen langs het bos, Blaine stopt en wil het bos in. Ze wijst de haak aan en inderdaad we moeten het bos in. Ik ga nu doorkrijgen hoe die haken werken. Het is niet echt een haak, met de hak van de schoen wordt een lijntje getrokken dat de richting aangeeft waar te gaan. Je ziet duidelijk een kort lijntje dat eindigt in de hakafdruk. Het uiteinde van het lijntje geeft de richting aan. Het tempo van Blaine is net te doen, soms hang ik in de lijn om haar iets af te remmen. Later legt de trainer uit hoe ik dat beter kan doen. De lijn in de linkerhand nemen en met de andere hand de lijn iets naar me toe trekken. Het werkt wel, goed om te oefenen.

Het bos

In het bos gaat het tempo omhoog, niet handig want er liggen veel takken en er zijn struiken. Ik blijf overeind en Blaine vindt weer de haak, we moeten rechts afslaan en al snel vindt ze de reeënpoot.  Super trots ben ik, ze krijgt wat lekkers en ik prijs haar de hemel in. Ze heeft het super gedaan. Dit was een spoor van 250 meter.

Hoe loopt Blaine het spoor

Wanneer ze iets door de poten zakt, hoofd iets naar beneden, kwispelende staart, dan zit ze op het spoor. Wanneer haar hoofd omhoog gaat: ruikt ze de omgeving af, of ze moet zich even oriënteren, of ze ruikt een verleiding, of ze weet het even niet meer. Ik stop en tel tot 5 en vraag dan weer haar aandacht.

Examen, wat kan ik verwachten

  • Twee haken
  • Spoor van 150 meter
  • Ik mag twee keer afgeroepen worden
  • Als de keurmeester “stop” zegt, betekent dit dat ik even goed moet kijken en de hond moet lezen.
  • Half uur per spoor ongeveer, met alles erbij
  • Na het spoor moeten we examenvragen invullen
  • Ook krijgen we 3 wondbedden te zien en we moeten er 2 beoordelen, vooral niet meer doen.
  • Het is in Doorn en de info krijgen we nog.
  • Het is begin maart.

Resumé

Ik ben heel tevreden, en ik hoop dat ik me goed kan concentreren en goed de haken kan zien over 2 weken tijdens het examen. Het weer valt tot nu toe reuze mee en we hebben geen regen gehad!

Zondag 2 februari

Les 8

Waar?

In Almere, in het Kotterbos 1 aan de Kotterbosweg. Heel mooi op tijd zijn we en hebben genoeg plek om te parkeren.

Twee sporen

We zijn meteen aan de beurt. De trainer heeft 2 sporen uitgezet en we moeten ze alleen lopen. Wat zegt hij nu? Alleen? Als dat maar goed gaat.

Ons spoor

“Hier is de inzetplaats, het spoor loopt die kant op en ik verklap dat de eerste haak naar links gaat. Ben je langer dan een 15 minuten onderweg dan gaat het niet goed en moet je mij bellen”. Waar ging die haak ook al weer naar toe? Shit ik ben het nu al kwijt en dan moeten we nog. Het is alsof ik van te voren al weet dat het fout gaat. “Welke kant gaat de haak ook al weer naar toe?” vraag ik. “Oh dat weet Blaine wel”.

Let’s go

Het aankleden, het aanschotplaats laten zien, ruimte geven en ik moet iets richting aan geven. Daar gaan we. Blaine loopt van het spoor af, maar dat mag met een staande hond. Zie ik nu een haak? Blaine ruikt wel maar loopt dan weer rechtdoor. Voor mijn gevoel gaan we wel heel ver rechtdoor. Ze ruikt wat, een haak? We gaan toch maar naar links. Blaine is volhardend en loopt verder en verder en ik zie helemaal niets meer. Het eindstuk moet nu toch wel komen. Ik heb het idee dat Blaine het ook niet meer weet. Ik kijk op mijn klok en zie dat we ruim 15 minuten verder zijn, het gaat niet goed. Op het moment dat ik bedenk om de trainer te bellen, belt hij me zelf. Ik moet terug lopen, ja maar hoe en waar. Ik was al een stuk terug gelopen, maar ben het toch een beetje kwijt. De trainer legt uit waar ik op moet letten. De weg, auto’s, ja die hoor ik. Om het verhaal kort te maken, ik ben vreselijk verdwaald. Regelmatig heb ik contact met de trainer, maar hij moet ook door en een andere voorjager Vincent neemt telefonisch contact met mij op. Zelf heb ik al google maps ingeschakeld en de Kotterbosweg ingetikt.

Google Maps

Hier zijn we 2 keer geweest en de verkeerde kant op gestuurd door een wandelaar

“Kun je mij je locatie delen”, huh? Ik weet niet hoe. Wat een ellende, ik heb dit nooit nodig gehad en ik moet echt leren hoe. Afijn, ik heb het aan een wandelaar gevraagd en hij heeft mij geholpen, eindelijk eindelijk weet Vincent waar ik ben. Eerder had ik al foto’s doorgestuurd en heb ik trimmers besproken en heuvels met hekken die op slot zaten. Uiteindelijk kom ik op een plek aan waar ik al eerder geweest was, WTF. Die mevrouw heeft me gewoon de verkeerde kant op gestuurd. Vincent zegt dat ik niet meer verder moet lopen, hij komt eraan. Ik kan het toch niet laten om een beetje – voor mijn gevoel – zijn kant op te lopen. En daar zie ik ze, Vincent en zijn dochter. Helemaal kapot ben ik, na 2 uur lopen had ik het wel gehad en dit kan mijn lichaam in mijn huidige staat niet aan. Met z’n drieën lopen we richting de rest van de groep. Oh, als ik eerder gewoon mijn gevoel had gevolgd en niet hulp had gevraagd aan een wandelaar, dan had ik er allang geweest. Nat, onder de modder komen we aan. Niet helemaal waar, want door de regen en het betonnen pad zijn Blaine en ik een beetje schoon geworden.

Stappenteller

“Heb je een stappenteller Liaan”, vraagt Ans. “Ja, die is op hol geslagen”, antwoord ik. Hij geeft 8,5 kilometer aan en we hebben 2 uur gelopen zegt de trainer. Hij is blij dat ik en Blaine er weer zijn en ik ook. Ik vertel dat ik niet zo snel in paniek ben, maar ik vond het wel een beetje lang duren. Vooral omdat ik steeds meer pijn kreeg.

Even bijkomen

Met koffie en Blaine krijgt karnemelk, ook doe ik even haar jasje aan. Iedereen gaat naar huis behalve de trainer. Blaine en ik mogen nog een ander spoortje lopen en dit gaat heel goed. Even weet ze het niet meer, ik blijf staan en ze komt weer op het spoor dat nu naar rechts gaat. Al snel komen we bij het pootje terecht of te wel het ree.

Goede afsluiter

Helemaal gammel lopen Blaine en ik naar de auto en kunnen we eindelijk naar huis. Ik zal maar niet vertellen hoe ik de avond doorkwam….

Punten waar ik op moet letten

Zelf aanwijzingen meenemen, b.v: punaise of lintjes. Met takjes en bomen onthouden kom ik er niet.

Neem de tijd voor de haken, wondbedden etc.

Intuïtie

Loop terug als het niet goed aanvoelt.

Regelmatig achteruit kijken naar herkenningspunten

Niet de weg vragen aan passanten

Auto markeren met googlemaps

Googlemaps voor auto gebruiken

Locatie delen via google maps

Zondag 19 januari

De jonge Doornse bossen

Echt mooi op tijd vertrek ik naar de Zweetwerktraining. Gisterenavond goed gekeken waar we heen moeten. Op de site van ‘honden op het spoor’ staat altijd waarheen, routeplanner en waar je op moet letten. Ik moet er goed op letten dat ik vanaf de snelweg de 226 neem en niet de 227, wat de voorkeur heeft van de navigator. Die laatste opmerking print ik uit, de vorige keer vond ik het te lastig om van mijn telefoon te lezen. Voor de zekerheid stuur ik deze route naar mijn telefoon als back-up en ik stel de autonavigatie in. Moet goed komen toch? Alles gaat goed, ruim op tijd zodat ik nog even een toilet kan opzoeken. Mijn telefoon geeft aan dat ik bij de volgende afslag eraf moet, de navigatie van mijn auto zegt wat anders. Dat kan niet, denk ik, hier moet ik er vast niet af. Ik vergeet helemaal de waarschuwing over de 226 en 227 en volg de navi van de auto, fout helemaal fout. Huh zie ik daar Ans haar auto staan?. We rijden door en ik ben gearriveerd, denk ik. Ik ben hier op een plek waar we al eerder geweest zijn . Geen andere auto’s?

Verkeerde plek

Ineens rijd Ans me voorbij, toch verkeerd? Ik draai snel om en rij achter haar aan. Dit gaat niet goed!! De weg loopt dood en ik zie Ans staan. “We zijn verkeerd, we hadden de 226 moeten nemen.” Oh shit, ik heb daar niet meer op gelet. “Rij maar achter mij aan”, zegt Ans. Nou dat gaat niet helemaal goed. Ik probeer de route op mijn telefoon op te zoeken en te actualiseren met de huidige locatie. Hebbes en Ans rijdt nu achter mij aan. Ik kijk in mijn spiegel of alles goed gaat en ja Ans volgt goed. Ik kijk even later nogmaals in mijn spiegel, weg Ans. Nee hè, hoe kan dat nu? Wat doe ik terug of doorrijden. Het was niet moeilijk om mij te volgen op deze rechte weg. Zo goed ken ik Ans niet, is ze eigenwijs of trouw? Ik besluit om door te rijden en kom 10 minuten te laat aan op de juiste bestemming. Oh oh ik zie Rosemarijn en zij kijkt niet blij. De eerste koppel loopt net weg en Vincent geeft me het blaadje met de volgorde, wij zijn de volgende en nu moet ik Blaine laten plassen en voorbereiden. PFFFFFFFF.

De tweede loop

Vincent loopt met ons mee als observer, we gaan een klein stukje het prachtige met veel groene bos in. Daar staat de trainer en hij legt uit waar het spoor begint, aanschotplaats, en welke richting het spoor loopt. Heel rustig kan ik mijn voorbereidingen doen, Blaine blijft rustig zitten. Maar ik weet dat haar neus overuren maken.

En daar gaan we

Blaine moet altijd even de hele omgeving in haar opnemen bij het wondbed, ik moet haar de tijd en ruimte geven en dat gaat steeds beter. Wanneer Blaine de goede kant uitgaat zeg ik: “goed zo op het spoor”. De ondergrond is gevarieerd, veel mos, bladeren en we lopen ook door dichte dekkingen. Moeilijk soms want Blaine gaat overal dwars doorheen en de riem komt nog wel eens vast te zitten aan een tak. Ik kan het beste de riem loslaten en even later voorbij de dichte dekking weer vastpakken. Ik merk tijdens het lopen dat me dit steeds beter afgaat. Blaine vindt de haak en één op afstand volgens mij. Even is ze het spoor kwijt, maar ze vindt het weer snel. Ze zet er echt de tempo in en ik heb moeite om haar bij te houden. De trainer zegt dat ik dan af en toe in de riem moet hangen om haar af te remmen. Al snel zijn we bij het reeënpoot en we zijn allemaal een beetje buiten adem. Ze heeft het prima gedaan en met mij gaat het ook steeds beter.

Drie wondbedden

Het eerste is lever en ik dacht hart. Raar want dit ruikt niet erg. Maar het is wel stevig. Het tweede is long en dit wist ik niet erg. Het is wat sponzig en wordt steeds roder met indrukken. Het derde is een krellschot. Dit betekent dat de rug geraakt is, er ligt ook wat langere haartjes bij en bot. Alleen de laatste heb ik goed….

Zondag 5 januari

Les 6

Zelf spoor leggen

In paren van twee mogen we nu zelf een spoor aanleggen met 3 verleidingen. Ik loop samen met Kirsten, zij druppelt en ik maak de verleidingsspoortjes met een vel van een wildzwijn waar het vlees/vet nog aan zit. Eerst maken we een wondbed waar flink wat bloed in gegooid wordt en ik markeer het spoor door een oranje knuipertje aan een stuk groen vast te maken. Om de drie stappen druppelt Kirsten bloed op de grond met een knijpflesje. Ze doet niet moeilijk, hup wat spetters op de grond en klaar. Gewoon onder het lopen door, uit de losse pols. Ik tel de stappen en na 30 stappen trek ik een sleepje links en rechts van het zweet, wellicht iets té overdreven. Daar waar de sleep loopt bind ik een geel touwtje aan een tak van een boom rechts van de sleep.

En door…

We lopen verder. Kirsten druppelt zweet, ik tel de stappen 28, 29 en weer trek ik een sleepje en bind een geel touwtje aan een stukje gras rechts van de sleep voor een greppeltje. De sleep trek ik nu wat ‘normaler’, niet meer zo overdreven het stukje vacht over de grond slepen.

En door…

We lopen verder. Nu trek ik na 20 stappen een sleepje en bind het touwtje vast aan een takje.

En door

We lopen nog eens 20 stappen verder en dit is het eindpunt. Het reeënpootje leg ik onder aan een rietkraagje langs de kant van het greppeltje.

Hoe doet Blaine het tijdens haar zweetspoor uitlopen met de verleidingen

Blaine heeft wat moeite met het begin van het spoor, ik ga achter het spoor staan om haar de juiste richting aan te geven. Blaine is een hondje merk ik die het spoor vanuit vele hoeken in zich opneemt en soms snel afgeleid is. Wanneer ze op het spoor zit gaat ze goed vooruit. Bij de eerste verleiding werkt ze dat prima uit. Ze gaat naar rechts en naar links en weer verder. Bij de tweede verleiding onderzoekt ze dit al minder en de derde verleiding loopt ze zo voorbij en is puur met het spoor bezig. Ze loopt verder, wat heel goed is, en ineens krijgt ze toch lucht van de verleiding en loopt terug. Nu is ze totaal afgeleid en ik moet flink moeite doen om haar weer op het spoor te krijgen. Eenmaal weer op het spoor gaat het goed en komt ze uit bij het reeën pootje. Nu pakt ze het pootje meteen op, wat ze de andere keren niet deed en pas later pakte. De vorige keren kreeg ik te horen dat Blaine wat door haar poten zakt wanneer ze goed op het spoor zit, ik moet hier een keer goed op letten! En kwispelt haar staart?

Ons spoor

De jonge Basset Fauve de Bretange loopt het spoor wat Kirsten en ik hebben uitgezet. Ik heb het eerste verleidingssleepje erg overdreven getrokken, heen en weer en weer vooruit en terug. De Basset bleef erg hangen op dit spoortje en ging bijna niet vooruit. Het tweede sleepje heb ik normaal getrokken en de Basset snuffelde nu ook normaal.

Wat opviel

Ik had de knijper niet goed in het zicht vastgemaakt, ik wist zelfs niet meer precies waar die was. De touwtjes om de verleidingen te duiden moet ik ook meer in het zicht vastmaken. Je moet het touwtje kunnen zien wanneer je aan komt lopen.

Weer drie wondbedden

  • Wondbed 1:

Stuk vlees van een orgaan, donkerrood, heel stevig, ik had moeten ruiken. Sterke geur schijnt. Ik gok op lever en dat is juist.

Vraag: hoe lang mag het duren om het aangeschoten wild op te sporen. Meteen zoeken en dood binnen 500 meter. Middellanghaar.

  • Wondbed 2:

Heel dun kraakbeen achtig bot, bijna doorzichtig. Lang dun stuk en wat tanden. Ik gok op een kaak en dat is juist.

Vraag: Wanneer zoeken? Binnen 3 uur, dier kan nog dagen leven.

  • Wondbed 3

Botdeeltjes, lijkt wat hol in het midden. Soort dubbel met holling. Ik gok op een poot en dat is juist. De holling is het merg wat in poten zit onder andere.

Vraag: Binnen 6 tot 8 uur, kan nog een tijdje leven, korte haartjes.

Gisteren heb ik nog even de theorie stof doorgenomen van de theorie avond en korte aantekeningen gemaakt. Dit ligt naast mijn computer en zo kan ik het vaak even bekijken.

2019

Zondag 8 december

Het weer

Heel slecht, veel regen en veel wind. Onderweg ook al heel veel regen, eenmaal op de plaats van bestemming wordt het droog en hebben we geen spat meer gehad.

Waar?

In Doorn, in de bossen van

De rit

De reis gaat voorspoedig, Blaine en ik rijden mooi op tijd weg. Het is een uur rijden. We komen zo 11.15 uur aan, inclusief toiletstop.

Uitleg

Zoals gewoonlijk vertelt de trainer waar de 6 sporen liggen. “Het is de 5e les en ik doe een stapje terug”, vertelt de trainer. Dat betekent dat wij zelfstandiger moeten werken. Blaine is loops, dat heb ik aan de trainer geappt, daarom zijn wij als laatste aan de beurt. Dit is ook de laatste les van dit jaar, dus dat komt mooi uit. De weersomstandigheden zijn moeilijk, veel wind en het heeft veel geregend.

Drie wondbedden

Eerst mogen we drie wondbedden bekijken en betasten. Zelf observeren en analyseren en dan vertellen wat je denkt waar het schot gevallen is.

  • Wondbed 1

Botsplinters met merg en korte haartjes, het bloed is niet meer te zien. Kaak denkt men, ik denk schouder. Alle twee fout, het is een loper, dus schot in poot.

  • Wondbed 2

Bloed is niet meer te zien, maar wel een stuk van een ingewand of orgaan. Ik betast het en het voelt stug en is donker van kleur. Ik ruik eraan en het heeft geen geur. Ik denk lever, maar het is hart. Lever is nog stugger en ruikt meer.

  • Wondbed 3

Veel bloed aan de dikke boomstam die er ligt en er ligt een stukje orgaan. Wat licht van kleur, bloed is niet meer te zien. Ik betast het en het is wat sponsig. Ik heb geen idee en gok op maag. Helemaal fout, het is een stukje long, er lag ook lichtrood bloed.

Het spoor van Blaine

  • Het aankleden
  • Het wondbed
  • Blaine ruikt er goed aan
  • De wind komt van alle kanten, het is een open plekje.

Slow start

Blaine komt wat moeizaam op gang, ze loopt een ruim rondje om de geur in zich op te nemen en de riem raakt verstrikt rond een boom. Ik help haar en wijs nogmaals het wondbed en daarna spoor aan. Het is in het bos, met vooral bladeren als ondergrond. Blaine heeft het spoor en gaat vooruit, wel loopt ze het eerste stuk meer links van het spoor. De wind komt van rechts. Een paar keer moet ik haar iets korter houden, anders is ze teveel bezig met verleidingen. Als ze op het spoor zit, gaat ze vlot en kan/mag ik haar meer lijn geven en de ruimte geven. Ik zie, met wat hulp, de haak en ik moet Blaine de gelegenheid geven om het wondbed te vinden. Ze vindt het en het spoor gaat verder naar links.

Goed zo op het spoor

Nu heeft ze de wind in de rug en meteen versneld ze haar pas en zit bovenop het spoor, dit stuk gaat heel goed. Maar dat zag ik bij 2 andere honden ook. Ik moet er voor zorgen dat ze niet de weg op kan, maar dat is logisch. Wel laat Blaine zich weer verleiden om wat verder dan het spoor te ruiken, van wat er nog meer voor een wild was.

Haken

Met hulp zie ik de haak, Blaine wijst het niet aan. Ik moet haar weer de gelegenheid geven en moet achter de haak gaan staan, in de richting waar het spoor verder loopt. De haak wijst naar links, hier heeft ze echt veel moeite met het spoor. De wind komt van links nu en waait alle kanten op. Ik moet Blaine wat helpen en nu gaat ze verder met horten en stoten. Ze raakt nog verstrikt in de riem, ik help haar, maar ik had het Blaine zelf uit moeten laten zoeken. Dus niet meer helpen wanneer de riem om haar poot gedraaid is. Nu pakt Blaine het spoor best goed op en heeft ze niet meer veel hulp nodig. Het bokkenpootje heeft ze snel gevonden. Ik beloon haar uitbundig en geef haar worst, het pootje geef ik aan de trainer en steeds weer gaat ze met haar neus naar de plek van het verdwenen pootje.

Het eindpunt met het reeënpootje

Wat is opgevallen?

Ik vond het wat moeizaam. Op zich viel dat wel mee volgens de meekijkers. Dave ziet meteen wanneer Blaine op het spoor zit, ze zakt dan wat door de achterpoten, door alle poten eigenlijk. Hier moet ik de volgende keer goed op letten. Dave vond ook dat Blaine zich niet liet gek maken door paden en gewoon met haar werk doorging.

Waar voortaan op letten

De haken en welke richting het op gaat, naar links of naar rechts. Meer smaken zijn er niet. Harde wind is heel moeilijk voor de hond en voor Blaine. Regen spoelt het bloedspoor weg en hier heeft Blaine ook moeite mee. Ook moet ik me beter voorbereiden, door filmpjes enz. te bekijken.

Zondag 24 november

4e zweetwerktraining

Het aankleden, nogmaals een herhaling

  • Blaine loopt vrij mee
  • Bij de inzetplek
  • Sta op de riem van Blaine
  • Pak zweetlijn en halsband
  • Haal zweetlijn uit elkaar en gooi naar achteren
  • Halsband omdoen
  • Oude halsband af
  • Riem aan halsband bevestigen
  • Blaine moet zitten
  • Jachttas naast Blaine
  • Ik loop achteruit naar het wondbed
  • Wijs het overdreven aan en ga er naast zitten
  • Loop terug
  • Pak jachttas en doe het om
  • Pak Blaine aan de halsband vast
  • Loop naar het wondbed
  • Laat haar ruiken
  • Geef haar de ruimte om het spoor op te nemen
  • Vaak loopt ze een cirkel

Markeren

Ik heb al verteld dat er steeds 1 of 2 voorjagers meelopen om de hond en baas te ‘lezen’. Wanneer het spoor gelopen is geven ze ook hun mening. Vanaf vandaag krijgt ‘de lezer’ als opdracht erbij om te markeren. Aangeven waar de haken en bloedsporen zijn, maar ook belangrijke punten aangeven hoe we het spoor gelopen hebben. Ook ik moet dat doen en dat vind ik best lastig. Als tip krijg ik mee om een bosje takjes mee te nemen. Met haken en zeker met bloeddruppels heb ik veel moeite. Ik loop achter de hond en de voorjager aan en zet op aangeven op cruciale plekken een takje in de grond. B.v bij een hoek, een ander pad, zodat we makkelijker terug kunnen lopen, wanneer het fout gaat. Je kunt ook bestaande markeerpunten gebruiken. We liepen net langs een bord en een paal, dat zijn makkelijke markeerpunten.

Het spoor

Het spoor loopt over prikkels van brandnetels en wat doornstruiken. Die brandnetels vindt Blaine niet van en daardoor gaat ze steeds van het spoor af. Omdat ze toch een hoge kophouding heeft mag ze op het pad lopen, “kijk ze houdt toch wel contact met het spoor”, zegt de trainer. En dat is ook zo. En ja dat zie ik ook, mooi om te zien trouwens. De haak markeert ze goed en draait er wat om heen om het spoor weer te volgen. We lopen nu in een omgeving waar veel wild is, dus veel verleidingen. Het is een pad van gras met aan weerszijden hoge begroeiing. Blaine volgt nu niet blindelings het pad en wordt afgeleid door de verleidingen, maar steeds komt ze weer op het spoor en volgt dit. Uiteindelijk komt ze bij het reeënpootje dat via een kleine afgrond wat lager ligt.

De trainer is tevreden, de meeloper ook en ik ook.

Zondag 10 november

3e les zweetwerktraining

Waar?

Het is in Almere bij de groenlingweg en we zijn ruim op tijd.

Onze loop

Blaine heeft een spoor eerst over grasland, wat een lastige ondergrond schijnt te zijn. Daarna loopt het spoor in het bos over de losse bladeren. Dit is makkelijker en dit merk ik meteen, want Blaine versnelt aanzienlijk. Bloed zie ik niet, ik zie de haken amper, Blaine ruikt het allemaal wel. Ik vertrouw op haar, af en toe staat ze stil en neemt de geur weer in zich op en dan gaat ze weer. Het blijkt dat ze op een afstandje van het spoor loopt, dat is prima voor een staande hond. “Jij hoeft niet bang te zijn dat je geen bloed ziet, je hond ruikt het wel hoor”, zegt mijn mede voorjager die Blaine moet lezen. Hij is een echte praktijk man en heeft veel ervaring met jagen en nazoek van varkens, herten, you name it. Dus ik ben weer heel trots op Blaine.

Het pootje

Aan het einde  van het spoor ligt als beloning een stuk van een hertenpootje. Eerst snuffelt Blaine eraan en doet er niet veel mee. Pas wanneer ik het wil pakken of ik wil Blaine meenemen pakt ze het pootje op en wil er aan knagen.

Zondag 27 oktober

2e les zweetwerktraining

Vorige week ruim op tijd, nu net aan door file op de weg die ik niet verwachtte op een zondag.

Waar?

Het spoor is een stuk langer deze keer en het is een stukje lopen door een mooi dicht bos bij landgoed Westerlede in Maarn.

Onze beurt

We zijn aan de beurt en nu al vindt Blaine het spannend, ze trekt, neus is omhoog. Gelukkig loop ik niet alleen, want diegene die observeert loopt mee. Het is best een zoektochtje. Eenmaal bij spoor 4 ziet ook  Blaine de trainer en ze weet meteen ‘die moet ik in de gaten houden’. Net als met Benno, de trainer van de apporteertraining, heeft ze het ook bij Arjan.

Het begin ritueel, hoe ging het ook al weer?

  • Blaine loopt vrij naast me
  • We komen bij het beginpunt aan en ik ga op Blaine’s riem staan.
  • Haal de zweetband en riem uit de tas
  • Wikkel de riem af en gooi het naar achteren
  • Zorg dat er geen knopen in de lijn zitten
  • De halsband en riem gaan af
  • De zweetband en zweetlijn gaan aan
  • Blaine moet zitten en blijven en ik zet de jachttas naast haar
  • Loop naar de plek waar het zweet ligt
  • Wijs het wondbed aan en Blaine gaat meteen staan
  • Terug en “zit”
  • Terug naar wondbed, buk erbij en wijs het aan
  • Loop terug naar Blaine, pak haar aan haar halsband vast en we lopen samen naar het wondbed.
  • Het gaat beginnen

Rondje

Ik laat Blaine gaan en geef haar ruimte aan de riem. Eigenlijk wil ik meteen op pad, maar Blaine loopt een rondje. Ze blijft hier een beetje in hangen, ze ruikt veel. Ik moet haar een beetje aanmoedigen en ja hoor Blaine neemt het spoor aan, zelf. “Goed zo, op het spoor”. Volgens de trainer gaat ze goed.

Haak

Ook hier loopt ze weer in een rondje en lijkt het even niet meer te weten. Ze pakt het spoor weer op en al snel zijn we bij het eindpunt, bij de hertenpoot. Eerst staat ze erbij, ik prijs haar en wanneer ik dichterbij kom pakt ze het snel.

Hoe vond ik het gaan?

Ik vertel dat ik het idee had dat ze het af en toe niet meer wist. Dat was helemaal niet zo. Blaine neemt het spoor heel goed in zich op en wil het goed lokaliseren. Daarom loopt ze een rondje, zodat ze het spoor van alle kanten goed in zich op kan nemen. Dit doet ze ook weer bij een haak.

Conclusie

Blaine deed het heel goed.

Aandachtspunt voor mij

Ik moet Blaine echt de tijd gunnen om het spoor goed in zich op te laten nemen. En ik moet haar dan ruim lijn geven. Het beste is dat ik ongeveer 5 meter van Blaine af ga staan. Ze krijgt ook 5 meter van de lijn, zodat ze niet door de riem belemmerd wordt.

Zondag 13 oktober

1e les zweetwerktraining

Ik kijk hier al lang naar uit, heel lang ben ik dit al van plan, zelfs destijds met June en later Maddy. Nu is het eindelijk zo ver. En wat moet ik veel leren.

Heel mooi op tijd komen we aan in Almere. Ik heb eindelijk de kaart van de navigatie laten updaten tijdens de grote beurt van mijn auto. Helaas klopt er nog steeds één weg/afslag niet. Hopelijk zit dit er nu bij mij ingeprent. Na de zweetcursus wel denk ik, want we moeten véél naar Almere.

De groep:

  • Een jonge Draadhaar
  • Een jonge Fauve de Bretange
  • Een teckel
  • Een kruising Pointer
  • Een kruising Labrador
  • Een Weimaraner

Voorspel

We krijgen eerst uitleg hoe we moeten beginnen met het uitwerken van een spoor.

  • Altijd een tas mee met water en riem met halsband
  • Op de riem van Blaine staan, zij mag gewoon rondkijken, vaak nemen ze het spoor al in zich op
  • Riem en band uit de tas halen
  • Riem ontrafelen en goed klaarleggen
  • Halsband om
  • Riem aan halsband bevestigen
  • Blaine moet zitten en naar mij kijken
  • Tas naast Blaine
  • Ik loop naar het wondbed/begin spoor
  • Ik blijf Blaine aankijken terwijl ik naar achteruit loop
  • Ik vestig Blaine’s aandacht op het spoor
  • Loop terug en geef Blaine de vrije hand

Het lopen van het spoor

Blaine ruikt het spoor al en ruikt nog extra bij het wondbed. Ze pikt het spoor goed op, neus aan de grond. Ze is heel gedegen en rustig. De riem hou ik losjes vast en geef haar de ruimte. Ongeveer 2 keer is ze van het spoor af en ik moet even wachten of ze zelf het spoor weer oppikt, anders moet ik na ongeveer 15 tellen “op het spoor” zeggen. De haak pakt ze goed op en zo komt Blaine aan het einde van het spoor. Ze moet wel even zoeken waar het reeënpoot ligt en ik beloon haar de hemel in. De trainer is heel tevreden.